ul-soz-header-Groei in volwassenheid en stabiliteit

Groei in volwassenheid en stabiliteit

Groei in volwassenheid en stabiliteit

Het jaar 2014 stond voor het expertisecentrum Studenten- en Onderwijszaken (SOZ) in het teken van groei en professionalisering. Samen blikken Jeroen ’t Hart en Saskia van der Ham terug op dat jaar.

Jeroen 't Hart
Directeur Studenten- en Onderwijszaken

Saskia van der Ham
Adjunct-directeur Studenten- en Onderwijszaken

Hoe kijken jullie terug op het afgelopen jaar?

‘Als je overziet wat we doen, dan ben ik elke keer blij verrast door de manier waarop mensen heel hard werken met elkaar. Op de meeste plekken doen zij heel veel de goede dingen en doen die ook goed. Toen we net begonnen na de reorganisatie in 2010, waren er genoeg dingen waar ik wakker van kon liggen. We hebben sindsdien heel veel bereikt’, zegt ’t Hart.

De missie, visie en kernwaarden zijn in 2014 vast gelegd. Wat is de gedachte hierachter?

‘We zijn als SOZ een grote directie met verschillende afdelingen, veel verschillende takken van sport, die – als je naar de afdelingen apart kijkt – soms niet heel veel met elkaar te maken hebben. De discussie is gestart bij ‘Als we in één directie ondergebracht zijn, wat bindt ons dan? Wat is onze gezamenlijkheid?’, legt ’t Hart uit. ‘In eerste instantie zijn we begonnen om met de afdelingshoofden, en later ook anderen, over missie en visie te gaan praten. Dit vanuit de behoefte om herkenbaarheid te vinden waarmee je SOZ als geheel kan portretteren. Dit was een besluit vanuit het College van Bestuur en speelde bij meerdere afdelingen binnen de universiteit die zo’n 4,5 jaar geleden zijn samen gegaan.’ Van der Ham vult aan: ‘Ik denk wel dat voor de meeste mensen de missie nog heel erg abstract is. Je ziet wel dat op het moment dat je de kernwaarden presenteert, je discussie krijgt over ‘wat is voor mij belangrijk?’ Ja, dat brengt medewerkers wel in beweging.’

Hoe zijn jullie gegroeid als expertisecentrum?

‘t Hart: ‘Bij ons gaat groei niet over marktaandeel, maar over student gerelateerde zaken, zoals het aantal toegenomen tentamens in het Universitair Sportcentrum, maar ook over groei van de SOZ organisatie als geheel. Dit is voor een deel gebaseerd op een groei in het aantal studenten. De vertaling van meer studenten is bij ons op een heleboel plekken terug te zien in recordaantallen. In dienstverlening, in service die je geeft of in handelingen die je verricht. Dat is met name getalsmatig. Als je dat loslaat, dan slagen we er als SOZ steeds beter in om meer SOZ te zijn geworden. Dat is vanwege de missie, visie en kernwaarden, maar het is op meer plekken in de organisatie dat we een slag slaan, groei in volwassenheid en stabiliteit.’

Om wat voor stabiliteit gaat het dan?

‘Stabiliteit is wel een belangrijke. We hebben een tijdje te maken gehad met veel veranderingen. Implementatie van nieuwe systemen die stress veroorzaakten, zowel binnen de hele universiteit en zeker ook binnen onze club. De laatste tijd is het redelijk rustig, op een goede manier’, licht ’t Hart tevreden toe.

Van der Ham vertelt verder: ‘Ik denk wel dat we binnen stabiliteit zoeken naar een specifieke, meer professionele medewerker. Je groeit niet alleen in aantallen, maar soms groei je ook in de manier waarop je je dienstverlening aanpakt. Van sommige medewerkers vergt dat extra inzet. Dus dat betekent wel dat onderwerpen als ontwikkeling en loopbaan de afgelopen paar jaren veel sterker een rol hebben gespeeld in gesprekken met medewerkers.’

’t Hart vervolgt: ‘Ja, en ook de inrichting van de organisatie. Bijvoorbeeld het Admissions Office. Die afdeling groeit snel. Daarom is gekozen voor een andere indeling van de hele afdeling met teamleiders. Dat betekent ook dat je interne mensen de kans geeft om zich te ontwikkelen in de rol van teamleider. Die de afdeling anders organiseert en de dienstverlening verbetert. Ook is er een andere rol en taken voor degene die verantwoordelijk is voor de hele afdeling, omdat de teamleiders een deel van het leidinggevende werk doen. Dat is het laatste jaar ingevuld, dat is wel echt een groei van medewerkers naar een volgende stap binnen de eigen toko.’

Na de reorganisatie in 2010 hebben jullie met veel veranderingen te maken gehad. Hoe zorgden jullie weer voor balans?

‘Komend uit een reorganisatie moet je weer opnieuw gaan opbouwen,’ blikt ’t Hart terug. ‘Ik heb nu wel het idee dat we op een aantal plekken meer de balans hebben gevonden. Dat zit hem voor een deel ook in de ondersteuning. Voor nu heb ik in ieder geval het gevoel dat het gelukt is om alles voor elkaar te krijgen wat we nodig hebben, zoals het invullen van de vacatures voor controller en communicatiemedewerker.’

‘Alleen groei in studentenaantallen hoeft niet altijd direct groei in het aantal medewerkers te betekenen. Dat is wel waar je voor moet waken,’ merkt Van der Ham op, ‘waar ga je aan werken? Nog meer mensen erbij of ook processen op een andere manier optimaliseren? Maar dat vereist ook iets van de medewerker. Dat heeft allemaal met elkaar te maken. Ik denk wel dat er SOZ breed heel duidelijk een lijn is uitgezet

 

Jaaroverzicht 2014
Jaaroverzicht 2014

Logo